Het vierde artikel in de serie “De uitdaging: het volgende vormingsjaar”.

Vertalen is interpreteren

Taal is rijk.
Wie vertaalt, is maar al te bekend met de worsteling om “de tekst goed te krijgen”. Er zijn zoveel mogelijke nuances en kleuren.
Juist voor een goed begrip van een bijbeltekst is het daarom wijs verschillende talen en vertalingen te vergelijken. Dat helpt het bredere palet van de tekst in de oorspronkelijke taal te vatten. 

Hier is zo’n voorbeeld:
“Hem verkondigen wij, terwijl we ieder mens terechtwijzen, en ieder mens onderwijzen in alle wijsheid, opdat wij ieder mens volmaakt zouden stellen in Christus Jezus.” (Kol.1:28 - HSV)


Een bijbelvers met veel kleurige nuances!

Drie mogelijkheden. Drie keuzes.

Elke generatie leest en interpreteert vanuit zijn eigen omgeving op de achtergrond. En een bijbelwoord heeft inderdaad betekenis voor het leven vandaag. Maar tegelijk moeten we het risico op eenzijdige interpretatie beperken.

  • “Verkondigen” ligt onze christelijke beweging na aan het hart. God brengt door het evangelie in ons een veranderingsproces ten goede op gang. Dat werkt steeds verder - als we in Christus blijven.
    Maar in Kolosse gaat dat verkondigen niet om wat wij klassiek als evangelisatie zouden bestempelen. Daar staat het in een context van dwaallering en verwarring – onder christenen.1

    Als we “verkondigen” hier interpreteren zoals “mensen in de reddingsboot krijgen”, beperken we onze opdracht. Dat accent koppelt de evangelieboodschap los van alles wat ermee samenhangt.  Zoals de verwijzingen naar “leren onderhouden” (alle geboden, heiliging) en “leren ernaar leven“ (discipel zijn, groeien).2


    Zo ook in Kolossenzen 1: 28.
    Het is de eerste stap naar verder verkennen, leren en veranderen. De verkondiging tot geloof gaat over in een leertraject naar volwassenheid in Jezus Christus.

    In de christelijke beweging gaat de slinger al een tijdje van dit beperkende interpreteren naar een verkondiging die samenspoort met diepgaande relaties.  Toch blijven (goedbedoelende) christenen zich nog afzetten: “Verkondigen. Niets meer! Met al het andere lopen we God voor de voeten.”

    Tja. Blijkbaar gebruiken Jezus en apostelen zoals Paulus een ander perspectief.

    We kunnen zelf de grens trekken, maar met het prijskaartje dat erbij hoort. 

  • “Terechtwijzen ” kan vertaald worden met “vermanen” of “corrigeren” of “waarschuwen”. Of “aansporen” of “begeleiden” of “uitdagen”.
    De betekenis richt zich op een christen die (betere) geloofskeuzes wil (leren) maken in zijn leven-werken-dienen.  Welke nuance uw voorkeur ook wegdraagt: het lukt alleen wanneer mensen samen in zee willen gaan én ze zich richten op een concreet doel.3

    De bredere inkleuring versmalde over de jaren naar een begrip zoals “het pastorale gesprek”. Zoals een christenleider of een team “zich bezighoudt met pastoraal werk”.
    Een geloofsgemeenschap heeft die bedieningen nodig. Maar onze focus moet zich ook meer naar het grotere plaatje gaan richten. In Gods koninkrijk kunnen alle christenen in een of andere vorm van “begeleiden-vermanen-terechtwijzen-waarschuwen-aansporen-uitdagen”. Bovendien is het een noodzakelijk onderdeel van vorming.4 

    De maalstroom van onze wereld zorgt volop voor werk in “pastorale counseling”. Nochtans kan een geloofsgemeenschap veel crises voorkomen als ze in haar budget van mensen, tijd en middelen consequent voorrang geeft aan die bredere geloofsbegeleiding. En daardoor een degelijke, stabielere geloofsgroei ondersteunt.5

    Opnieuw een keuze. Dit keer om onze prioriteiten te bekijken.

  • “Onderwijzen” richt zich op kennis en wat we ermee kunnen doen: “leren” of “instrueren” of “samenspreken” of “uitleggen”.
    Het gaat om alles wat iemand helpt vooruit te gaan in kennis, begrip en toepassing. We hebben (meer) van dat type kennis nodig – liefst degelijk onderbouwd, wel doordacht en aansporend naar zijn toepassing.

    Christenen verwachten dat onderwijs “hout snijdt”. De terugvallende aanwezigheid op de klassieke kerkelijke programma’s, in combinatie met de vergrijzingstendens wijzen op een pijnpunt in onderwijs. Het gros van het onderwijs beperkt zich tot de uitdaging om te (blijven) geloven. Vele christenen vragen: “Wat kan ik ermee?”  

    Wat kan ik ermee: vandaag in mijn job - met stress, burn-out, macht en manipulatie?  In mijn gezin - met de opvoeding van onze kinderen? In mijn huwelijk – waar communicatie vastloopt? In mijn stad - waar seculiere leiders meer beschreven worden met termen die bij corruptie, belangenvermenging  of persoonlijke verrijking horen?

    Op die terreinen ligt de onderwijsopdracht. Daar kunnen geloofsgemeenschappen mensen vormen met de hulp van waarden, principes en normen van Gods koninkrijk. Zo leren ze hen te vertrouwen dat God hun zal bewijzen dat Hij meewerkt – met hen.

    Dat legt de grenzen inderdaad verder dan waar we ze nu weten liggen. De trend naar meer huisgroepen als gemeenschap helpt om dat gezamenlijk “leren” of “instrueren” of “samenspreken” of “uitleggen” te ontwikkelen.6

    Het “leren-instrueren-samenspreken-uitleggen kan beginnen wanneer leiders voor hun geloofsgemeenschap daarvoor durven kiezen.


Vorming = [verkondiging + begeleiding + onderwijs]

Het doel van [verkondigen + begeleiden + onderwijzen] ligt vast.
Zoals een vertaling dat inkleurt:  “… om allen tot volgroeide mensen in Christus te kunnen opleiden.”

Niemand kan werken zonder uit zijn eigen achtergrond een accent te leggen. De verschillende bedieningen van apostelen, evangelisten, profeten, herders en leraars konden die accenten aanvullen.

  • Verkondiging , aangevuld met [begeleiding en onderwijs]
  • Begeleiding, aangevuld met [verkondiging en onderwijs]
  • Onderwijs, aangevuld met [verkondiging en begeleiding]

Wat leert de praktijk?

  • Onevenwicht levert scheefgroei op. Er treedt altijd correctie op –door de vraag naar vernieuwing of door gemeentevlucht of door passief ondergaan.
  • Evenwicht schept op langere termijn het kader voor toerusting tot dienstbetoon, voor individuele geloofsgroei én voor gemeentegroei.7
  • Een geloofsgemeenschap ontleent haar geloofwaardigheid aan dit evenwicht. In onze sterk veranderende omgeving bevestigt zij daarmee ook haar bestaansrecht.8

Daarom roepen wij opnieuw op voorrang te geven aan effectieve vorming. Overkoepelende structuren beschikken daarbij over een grote hefboom om geloofsgemeenschappen te helpen consequent te (blijven) investeren voor de lange(re) termijn.

Ps.90:12 “Leer mij mijn dagen tellen” – tot 30 juni 2017?

Bij ABC ligt de nadruk dit schooljaar op aspecten van christelijke vorming.  
Deze Evan-Assistance valt in uw brievenbus wanneer de afsluiting van het schooljaar nog maar een drie maanden ver is. Vakanties, verlengde weekends en dergelijke knabbelen ook nog wat beschikbare tijd weg.

In die maanden kan u geen drastische wijzigingen meer doorvoeren. Maar u kan wel inzetten om in de komende drie maanden een beleid gericht op vorming uit te werken:

  • Gebruik de handvatten om de stand van zaken op te nemen. (zie de eerdere artikels)
  • Overleg gezamenlijk.
  • Zet de bakens uit: welke doelstellingen (inhoud, levensverandering, aanpak, ….) wil u met geloof en zin voor realiteit ontwikkelen voor schooljaar 2017/2018?
  • Bepaal of u hulp nodig hebt om die doelstellingen handen en voeten te geven:
    • Een plan met prioriteiten
    • (beschikbare) Mensen
    • Tijd en tijdsgebruik
    • Materialen
    • Een (aangepast) budget
    • Een (aangepaste) structuur
    • Onderlinge werkafspraken

ABC-Ministries kan helpen met brainstormen en mogelijkheden ontwikkelen, of kan u ondersteunen in uw bediening om mensen te vormen met [verkondiging + begeleiding + onderwijs].
Contacteer ons gerust!

____________
Voetnoten:

  1. Dwaalleraars zaten binnen in de gemeente (Kol.2:4-23). Deze “verkondiging” richt zich niet naar wie nog niet gelooft. Ze poneert geloofspunten en moedigt christenen aan zich daaraan te spiegelen om een meer geheiligd leven te kunnen leiden. Deze verkondiging vertaalt gezonde leer naar geloofswandel. Zoals Paulus bvb. aan Timotheüs (1 Tim.1:10, 2Tim4:3) en Titus (1:9, 2:1) opdraagt.

  2. Kijk onder andere in Mattheüs 28:19. Of als Jezus zelf verkondigt: Johannes 3 of 4. Of waar Paulus de Filippenzen aanmoedigt (2:12-15). Of 1 Korinthiërs 3:9-vv, enz.
    L.Moody gebruikte volop het beeld van de reddingsboot . Maar het echte werk begon pas toen de geredde mensen uit de boot aan land stapten – hun levenswandel onder het gezag van hun geloof moesten brengen.

  3. Het Reveal-onderzoek toonde aan dat de combinatie [relaties + vorming] mensen veel meer helpt te groeien in hun navolging van Christus, dan elk ander opzet voor discipelschap.

  4. Recent kwamen we in contact met enkele intellectueel zwakkere christenen (18 – 30 jaar). De “begeleiding” die zij onderling en in de hele gemeente verzorgen, is ronduit prachtig.
    Er is theologisch en praktisch geen enkele reden voor een christen om dit onderdeel van de geloofswandel links te laten liggen. Dit gaat om een keuze.

  5. Bij voorkeur in mini-groepen met niet meer dan 3 of 4 personen – omwille van de vertrouwelijkheid en kwaliteit.
    Wie daarvoor kiest, kan best vooraf bepalen hoe te weerstaan aan de verleiding om opnieuw af te glijden naar (te) veel tijd investeren in het zeker stellen van gestructureerde kerkelijke activiteiten.

  6. Wil men in de huisgroep ook degelijk en praktijkgericht onderwijzen, dan zijn de capaciteiten van de groepsleider van het grootste belang. Uit het Reveal-onderzoek bleek dat juist die capaciteiten de zwakste schakel waren voor zowel de individuele geloofsgroei als de gemeentegroei.

  7. Zie de context van Ef.4:12.
    De eerste effecten van deze aanpak worden na ongeveer 2 jaar zichtbaar. Om deze dynamiek in de geloofsgemeenschap te kunnen verankeren, is een langere termijn van zo’n 8 tot 10 jaar nodig. Strategisch denken is dan onvermijdelijk.

  8. Zie het vorige artikel in de reeks: “Toekomst, keuzes en vorming” in Evan-Assistance december 2016.
DMC Firewall is a Joomla Security extension!