(G)RUIS

“Zou je ergens ongestoord en in alle rust met mij willen praten?” 



Het was niet moeilijk om de schreeuw om een luisterend oor te horen.  Hij is een dierbare vriend. We leerden elkaar in 1999 kennen. Geregeld zitten we ergens samen rond een tafeltje.  
Die ondergaat dan geduldig een spervuur van ideeën, gepuzzel met kernwaarden, vlugge schetsen op een papieren servet, fijne taalhumor, verhalen over serieuze situaties en gebed voor elkaar.  Meestal wordt dat goedmoedig begeleid door doses cafeïne, luidsprekermeldingen met hoog volume en blikken op een klok om een vertrekuur in de gaten te houden. Het zijn wachttijden met uitmuntende gesprekken en waarderende vriendschap  van het kaliber “er zijn voor de ander”.

Ongestoord en in alle rust?

Ons gesprek gaat door op een andere locatie dan in een wachtruimte.  De vertrouwensband zorgt dat het hoge woord al snel op tafel ligt. Moedig. Met een echo van rauwe, pijnlijke krassen op zijn ziel.

Hij zoekt dat luisterend oor. Hij wil niet dat ik hem gelijk geef – goeie vrienden geef elkaar waar nodig ook een “ongelijk”. Maar of ik hem middenin alle twijfels wil helpen om een ankerpunt te herkennen? Een dat hem helpt aan een nieuw evenwicht?
De pijn hakt er diep in. We beseffen hoe corrupt zonde is en ons aanvalt – ook van binnenuit. Hoe vatbaar we nog zijn. Dat arglistige hart met zijn verborgen hoeken!

We klampen ons vast aan onze belijdenis: de genade en opstanding door Jezus Christus. Terwijl we doorheen zijn storm razen, vindt de vrede van God meer vaste grond in onze zielen.

Een tijdje later volgde een nieuwe ontmoeting.

Ik kon niet nalaten de vraag te stellen:
Waarom vroeg je toen zo voorzichtig om te kunnen praten?”

Een verbijsterend antwoord:
Bijna niemand kon tijd maken om te luisteren. En mijn ellende schrikte af. Er waren er ook die vreesden dat andere christenen die betrokkenheid zo zouden inkleuren, dat waarschijnlijk problemen in de bediening zouden ontstaan.”


Blijkbaar verstikken in 2017 agenda’s en de druk voor politiek correct-zijn nog steeds gemakkelijk de barmhartigheid en waarheid.
Zou Jezus getwijfeld hebben toen Hij Zacheüs hielp? Of de Samaritaanse vrouw? Of de melaatsen? Of de overspelige vrouw? Of de man met de verschrompelde hand in de synagoge?
Of mij?

Ik wil niet dat zulk (g)ruis in mijn leven me zou tegenhouden om Jezus verder na te volgen.
Volgende week ontmoeten we elkaar weer.

Herman Heyman 

Our website is protected by DMC Firewall!